Volledige inhoudsopgave Ziehier de volledige inhoudsopgave van de Interinstitutionele schrijfwijzer. Referenties Inleiding Deel I — Publicatieblad Preambule 1.Structuur van het Publicatieblad 1.1.Algemene structuur 1.2.L-serie 1.2.1.Indeling van de handelingen 1.2.2.Nummering van de handelingen 1.2.3.Inhoud 1.3.C-serie 1.3.1.Indeling van de documenten 1.3.2.Nummering van de documenten 1.3.3.Inhoud 2.Opbouw van een handeling 2.1.Titel 2.2.Preambule (aanhalingen en overwegingen) 2.2.1.Aanhalingen 2.2.2.Overwegingen 2.3.Artikelen (dispositief) 2.4.Formule betreffende het verbindende karakter van verordeningen 2.5.Slotformule (plaats, datum en handtekening) 2.6.Bijlagen 2.7.Onderverdelingen in de handelingen 3.Redactionele handleiding 3.1.Verwijzingen naar het Publicatieblad 3.2.Regels voor verwijzing naar een handeling 3.2.1.Vorm van de titel 3.2.2.Verwijzing naar een handeling 3.2.3.Verwijzingen naar onderverdelingen van een handeling 3.2.4.Verwijzingen naar wijzigingen van een handeling 3.3.Wijzigingsbepalingen 3.3.1.Wijzigingen in de tekst 3.3.2.Toevoegingen en nummering 3.4.Volgorde van vermelden 3.4.1.Volgorde van de Verdragen 3.4.2.Volgorde van auteur 3.4.3.Landen 3.4.4.Talen en meertalige teksten 3.4.5.Munteenheden 3.5.Opsommingen 3.5.1.Opsommingen — presentatie 3.5.2.Opsommingen van handelingen 3.6.Definitie van een woord of een uitdrukking 3.7.Internationale overeenkomsten Overzichtstabellen Deel II — Algemene publicaties 4.Voorbereiding en identificatie van documenten 4.1.Auteurs, opdrachtgevers, Publicatiebureau en drukkerijen 4.1.1.Auteurs en het Publicatiebureau 4.1.2.Projectbeheer bij het Publicatiebureau 4.1.3.Correctie bij het Publicatiebureau 4.2.Originele documenten (kopij) 4.2.1.De productieketen 4.2.2.Logische structuur van documenten 4.2.3.Opstellen van de tekst 4.2.4.Camera-readydocumenten 4.3.Soorten publicaties 4.3.1.Monografieën 4.3.2.Doorlopende bronnen 4.3.3.Combinaties van seriële publicaties en monografieën 4.4.Door het Publicatiebureau toegekende identificatienummers 4.4.1.Internationaal standaardboeknummer (ISBN) 4.4.2.Internationaal standaardnummer voor seriële publicaties (ISSN) 4.4.3.Digital object identifier (DOI) 4.4.4.Catalogusnummer 4.5.Door het Hof van Justitie van de Europese Unie toegekend identificatienummer 5.Structuur van een publicatie 5.1.Omslag 5.1.1.Componenten van de omslag 5.1.2.Gebruik van kleuren op de omslag 5.2.Titelblad 5.3.Achterzijde van het titelblad 5.3.1.Componenten 5.3.2.Informatie betreffende op papier gedrukte producten 5.4.Auteursrecht 5.4.1.Auteursrechtverklaring 5.4.2.Toestemming en voorwaarden voor hergebruik 5.4.3.Auteursrechtelijk beschermde elementen die in een publicatie worden gebruikt 5.4.4.Andere disclaimers 5.5.Begin en einde 5.5.1.Opdracht 5.5.2.Voorwoord, bericht aan de lezer, inleiding 5.5.3.Inhoudsopgave 5.5.4.Bibliografie 5.5.5.Index 5.6.Indeling van de tekst 5.7.Opsommingen 5.8.Benadrukken 5.9.Verwijzingen 5.9.1.Verwijzingen naar de regelgeving van de Europese Unie 5.9.2.Verwijzingen naar de Verdragen 5.9.3.Verwijzingen naar de jurisprudentie van het Hof van Justitie en het Gerecht 5.9.4.Bibliografische verwijzingen 5.10.Citaten 5.11.Artistiek materiaal (illustraties) 5.12.Tabellen Deel III — Regels voor alle talen 6.Typografische aanwijzingen en het nazien van teksten 6.1.Lezen van het manuscript 6.2.Elektronische manuscripten 6.3.Correctietekens 6.4.Spaties bij interpunctie 6.5.Schrijfwijze van getallen 7.Afkortingen van landen, talen en munteenheden 7.1.Landen 7.1.1.Benaming en te gebruiken afkortingen 7.1.2.Volgorde van de staten 7.2.Talen 7.2.1.Volgorde van de taalversies en ISO-codes (meertalige teksten) 7.2.2.Opsomming van talen in een tekst (eentalige teksten) 7.2.3.Vermelding van de talen van publicatie 7.2.4.Regeling van het taalgebruik door de instellingen 7.3.Munteenheden 7.3.1.Euro en cent 7.3.2.Volgorde van de munteenheden en ISO-codes 7.3.3.Schrijfwijze van munteenheden 8.Voetnoten 8.1.Verwijzing naar voetnoten 8.2.Volgorde van de verschillende noten 9.Overige regels 9.1.Adressen 9.1.1.Adressen: algemene regels 9.1.2.Adressen in eentalige documenten 9.1.3.Adressen in meertalige documenten 9.1.4.Adressen in de lidstaten: schrijfwijze en voorbeelden 9.1.5.Adressen in de lidstaten: bijzondere kenmerken 9.2.Elektronische adressen 9.3.Telefoonnummers 9.4.Bibliografische notities en verwijzingen naar het Publicatieblad 9.5.Administratieve structuur van de Europese Unie: officiële benamingen en volgorde van vermelding 9.5.1.Instellingen en organen 9.5.2.Interinstitutionele diensten 9.5.3.Gedecentraliseerde instanties (agentschappen) 9.5.4.Uitvoerende agentschappen 9.5.5.Agentschappen en organen van Euratom 9.5.6.Andere instanties 9.6.Directoraten-generaal en diensten van de Commissie: officiële benamingen Deel IV — Regels voor de Nederlandse taal 10.Tekst 10.1.Leestekens 10.1.1.Komma 10.1.2.Punt 10.1.3.Puntkomma 10.1.4.Dubbelepunt 10.1.5.Ronde haakjes 10.1.6.Vierkante haken 10.1.7.Aanhalingstekens 10.1.8.Gedachtestreepje 10.1.9.Schuine streep 10.2.Hoofdletters 10.2.1.Eigennamen 10.2.2.Nationale en internationale instellingen en instanties, instellingen en adviesorganen van de Europese Unie 10.2.3.Overige instanties en organen van de Europese Unie (agentschappen, bureaus, comités, commissies, werkgroepen) en de Europese fondsen 10.2.4.Dienstonderdelen 10.2.5.Anderstalige benamingen 10.2.6.Ambten en functies 10.2.7.Verdragen, overeenkomsten, akkoorden, protocollen, handvesten, verklaringen, conferenties 10.2.8.Programma’s en beleidsinstrumenten 10.2.9.Afkortingen: initiaalwoorden, letterwoorden en verkortingen 10.2.10.Tijdgebonden procedures en evenementen 10.2.11.Diversen 10.3.Los, aaneen of streepje 10.3.1.Samenstellingen 10.3.2.Diversen 10.4.Afkortingen 10.4.1.Afkortingen 10.4.2.Namen van organisaties en instanties 10.5.Getallen 10.5.1.Cijfers of woorden 10.5.2.In cijfers geschreven getallen 10.5.3.In woorden geschreven getallen 10.5.4.Breuken 10.6.Diversen 10.6.1.Dubbele meervoudsvormen 11.Referentiewerken Useful documents Bijlagen Bijlage A1–Grafische handleiding van het Europese embleem Bijlage A2–Logo’s Bijlage A3–Afkortingen en symbolen Bijlage A4–Initiaal- en letterwoorden Bijlage A5–Landenlijst, gebieden en munteenheden Bijlage A6–Landen- en gebiedencodes Bijlage A7–Munteenhedencodes Bijlage A8–Taalcodes (Europese Unie) Bijlage A9–Instellingen, organen, interinstitutionele diensten en instanties: meertalige lijst Bijlage A10–Regio’s Bijlage B1–Latijnse nummering Bijlage B2–Diversen (Publicatieblad) Bijlage B3–Rectificaties Bijlage C–Diversen